HOE WERKT HYPNOSE?

Om de werking van hypnose te begrijpen, kan je best je hersenen vergelijken met de harde schijf van een computer. 


We worden geboren met een basisbesturingssysteem, waarbij alle belangrijke functies worden opgeslagen en automatisch worden uitgevoerd. 

 

Vanaf de geboorte start er voor het kind een leerproces door interactie met mensen en gebeurtenissen in de onmiddellijke omgeving. Al deze informatie wordt opgeslagen zonder kritische evaluatie, of zonder er kritisch over na te denken.

Op die manier worden de hersenen van het jonge kind deels bewust en deels onbewust door de opvoeding en de omgeving geprogrammeerd, waardoor het kind op latere leeftijd bepaalde reacties en gedragingen gaat vertonen.

 

Gedurende de groei naar volwassene bouwt het kind zelf een kritisch en redenerend vermogen op. Dit vermogen is voor een deel bepaald door de informatie welke het kind op jongere leeftijd heeft opgeslagen. Het kan vergeleken worden met een firewall van een computer, en zal bepalen welke informatie wel of niet relevant is en al dan niet belangrijk is voor het onderbewuste.


 

 

Op die manier beschermt het kritisch en redenerend vermogen ons bij gevaar, en zet het ons onderbewuste aan tot actie. Tevens geeft het signalen aan het onderbewuste hoe we met emoties of gebeurtenissen in onze omgeving kunnen omgaan.

 

Deze firewall of kritische barrière beschermt ons, maar kan ons ook evenzeer tegenwerken. Een bepaald al of niet aangeleerd gedrag kan zo sterk in ons onderbewuste zijn vast geankerd of geprogrammeerd, dat onze signalen vanuit onze wilskracht er niet doorheen kunnen dringen, en het zeer moeilijk wordt om bepaalde veranderingen in ons gedrag te verwezenlijken.

Hier kan hypnose helpen!

 

Door hypnose gaan we het kritisch en redenerend vermogen – de firewall of kritische barrière –  tijdelijk omzeilen, waardoor aanvaardbare suggesties direct door het onderbewuste kunnen worden opgenomen, en dus de basisinformatie wordt gewijzigd.

Een belangrijk element is dat de suggesties aanvaardbaar zijn. Wanneer dit niet het geval is zullen de suggesties door het onderbewuste resoluut worden geweigerd. Het is bijgevolg totaal onmogelijk om iemand in hypnose iets te laten doen wat hij of zij eigenlijk niet wil.




 

 

 

 

 

 

 



Ik verduidelijk dit even met een voorbeeld van een man die wenst te stoppen met roken.

 

Wanneer de jongeman 15 – 16 jaar is, maakt hij zich los van thuis, en wil hij meer tijd doorbrengen in de wereld rondom hem. Vrijheid, meer zelfstandigheid, onafhankelijkheid…

Waar hij zich echter niet van bewust is, is het feit dat hij tegelijk ook het “veilige nest” verlaat. Onbewust gaat hij dan ook op zoek naar een nieuwe veiligheid, welke hij vindt bij zijn vrienden… maar om “er bij te horen” moet hij roken, want zijn vrienden roken ook…

Het onderbewuste registreert dan dat roken veiligheid betekent.

Wanneer de jongeman op latere leeftijd wenst te stoppen met roken, dan lukt dit niet omdat hij vanuit zijn onderbewuste gestimuleerd wordt om verder te roken, ook al wenst hij op bewust vlak, kritisch en beredeneerd, te stoppen met roken. De kritische barrière of firewall laat geen nieuwe informatie toe omdat het onderbewuste reeds informatie heeft, en deze informatie is “veiligheid”. Het onderbewuste associeert roken dus met veiligheid. 

 

Door nu de kritische barrière te omzeilen of even buiten spel te zetten, kan de hypnotherapeut de bestaande informatie vervangen door een nieuwe suggestie. Op voorwaarde dat de suggestie relevant en aanvaardbaar is, en dus vanuit het bewuste ik wordt gestuurd.

 

Hypnose en hypnotherapie zijn geen wondermiddel maar degelijk teamwork tussen hypnotherapeut en cliënt.